Na de testresultaten: zoeken naar de beste en meest haalbare aanpak

Stilaan lopen meer en meer testresultaten binnen van de Vlaamse woonzorgcentra. Daaruit blijken heel veel verschillen. In sommige woonzorgcentra zijn er relatief weinig besmettingen; in andere blijkt een meerderheid van bewoners en personeel positief te zijn. Eens de testresultaten bekend zijn, bekijken de woonzorgcentra hoe ze hun zorg moeten reorganiseren. De richtlijnen van de Vlaamse overheid schetsen hiervoor vier verschillende scenario’s. Een van de subscenario’s is het afzonderen van nog niet-besmette bewoners op een andere locatie. Of dat aangewezen is, hangt af van de specifieke context.

De richtlijnen van de Vlaamse overheid schetsen vier mogelijke scenario’s voor de organisatie van de zorg in de woonzorgcentra wanneer besmettingen worden vastgesteld:

  1. Besmette bewoners verblijven in isolatie op hun individuele kamer met inachtname van een reeks beschermingsmaatregelen voor het personeel. Dit is enkel mogelijk wanneer er nog maar heel weinig besmettingen zijn.
  2. Het intern verhuizen en samenbrengen van de besmette bewoners op een aparte afdeling, verdieping of afgesloten leefgroep. De bewoners verblijven er in individuele kamers.
  3. Het intern verhuizen en samenbrengen van besmette bewoners in een gemeenschappelijke woon-, leef- en slaapruimte in het woonzorgcentrum (bv. in de dagverzorgingscentra die nu gesloten zijn).
  4. Woonzorgcentra gaan onderling of met andere zorgvoorzieningen samenwerken om besmette en niet besmette bewoners van elkaar af te zonderen, eventueel op een aparte al dan niet nieuw in te richten locatie.

Het laatste scenario kan betekenen dat in zeer uitzonderlijke gevallen niet besmette bewoners ook buiten het woonzorgcentrum worden samengebracht. Wanneer in een bepaalde regio één of meerdere woonzorgcentra vaststellen dat de (grote) meerderheid van hun bewoners COVID-positief is, kan het - vanuit het gezondheids- en veiligheidsperspectief voor de niet besmette bewoners – meer opportuun zijn om hen tijdelijk niet meer in het woonzorgcentrum te laten verblijven.

“We beseffen dat een dergelijke maatregel heel ingrijpend kan zijn voor de bewoners en medewerkers. Het is absoluut niet de bedoeling om gezonde bewoners stelselmatig onder te brengen in aparte centra”, aldus Margot Cloet, gedelegeerd bestuurder van Zorgnet-Icuro. “Elke situatie dient afzonderlijk te worden bekeken, in samenhang met de lokale mogelijkheden en de haalbaarheid om besmette bewoners op een veilige manier te isoleren van de niet-besmette personen. Niet elk woonzorgcentrum beschikt immers over de infrastructurele mogelijkheden om strikte cohortezorg toe te passen. Het is belangrijk om er goed over na te denken hoe we alle woonzorgcentra verder door deze crisis kunnen leiden. Hierbij moeten we ook durven bekijken hoe we ervoor kunnen zorgen dat niet-besmette mensen gezond kunnen blijven. De keuze voor een bepaalde aanpak hangt van veel verschillende factoren af.”