Ethisch advies 13: het zorgproces inzake zwangerschapsafbreking na prenatale diagnostiek

Advies van 24 april 2008

Zwangerschapsafbreking na prenatale diagnostiek is een vaak voorkomende maar weinig besproken ethische problematiek. Vele ziekenhuizen en hulpverleners stellen zich vragen bij het ethisch gehalte van de zorgpraktijken die gaandeweg ingang hebben gevonden. Voor de commissie voor ethiek was dit een voldoende reden om over te gaan tot een grondige bezinning omtrent zwangerschapsafbreking na prenatale diagnostiek in christelijke ziekenhuizen. Langdurige en zeer grondige besprekingen hebben geleid tot de hierna volgende visietekst. De voorliggende visietekst heeft een concreet karakter. Rekening houdend met de huidige stand van zaken worden waardenopties geformuleerd die uitmonden in een duidelijke ethische stellingname. Daarna worden concrete suggesties gedaan om het zorgproces voor alle betrokkenen zo menswaardig mogelijk te maken. Na bespreking in de VVI-bestuurscolleges heeft de Raad van Bestuur van het VVI dit advies goedgekeurd en de opdracht gegeven het te implementeren. De commissie voor ethiek heeft een belangrijke verantwoordelijkheid in het bespreekbaar stellen van deze uitdagende problematiek. Maar ook de raad van bestuur, de directie en de betrokken hulpverleners dragen een belangrijke verantwoordelijkheid in verband met de ontwikkeling van de in het advies voorgestelde zorgstructuren. Het is dan ook ten zeerste aanbevolen dit advies niet alleen te agenderen en te bespreken op de vergaderingen van de plaatselijke commissies voor ethiek, maar ook op de vergaderingen van de verloskundigen, van de directies en van de raden van bestuur.