Wat als… een ‘rusthuiswijzer’ mensen niet ‘wijzer’ maakt.

Het Nieuwsblad publiceerde vandaag zijn ‘Rusthuiswijzer’: een online overzicht van alle Vlaamse woonzorgcentra. Bedoeling is de burger te helpen bij de keuze van een woonzorgcentrum. Naast de infofiches van de woonzorgcentra brengt de krant ook een meerdaagse artikelenreeks over de ouderenzorg.

De fiches geven voor alle woonzorgcentra een aantal ‘standaardgegevens’ weer zoals de dagprijs, de oppervlakte van een gemiddelde kamer, het aantal woongelegenheden, het aantal personeelsleden, de prijs van een pintje in de cafetaria, het aantal activiteiten enz. Vanuit Zorgnet-Icuro juichen we ieder initiatief toe dat de Vlaming informeert over de voorzieningen in de ouderenzorg, op een correcte manier en met cijfers die up-to-date zijn. En daar knelt helaas het schoentje bij de ‘Rusthuiswijzer’.

Er kunnen namelijk nogal wat bedenkingen geformuleerd worden bij het weinig flexibele format waarin woonzorgcentra gevraagd werd om hun gegevens aan te leveren. Elk Vlaams woonzorgcentrum kreeg vanuit de redactie van het dagblad een vragenlijst toegestuurd; ongeveer de helft van de woonzorgcentra vulde die enquête ook in. De krant vulde de ontbrekende gegevens aan met data afkomstig van het Agentschap Zorg en Gezondheid, zoals resultaten van het Dimarso-tevredenheidsonderzoek uit 2014 of verslagen van Zorginspectie. Sommige van de gepubliceerde data zijn dus ruim zes jaar oud. In zo’n tijdspanne kan er enorm veel veranderen.

Maar bovenal is het niet correct om de zorgverlening te herleiden tot een opsomming van data. Veel elementen van de werking in een woonzorgcentrum en hoe de zorg er verloopt, zijn niet te vatten in enkele naakte cijfers. Dat ze bovendien worden gebruikt om voorzieningen met mekaar te vergelijken is niet bepaald een wetenschappelijke manier van werken. Zorg gaat om meer dan het tellen van het ‘aantal activiteiten’.

Deze ‘Rusthuiswijzer’ zal de mensen dus niet veel ‘wijzer’ maken. Hij bevat te veel sterk gedateerde informatie, en te weinig duiding. Wat heb je bijvoorbeeld aan de vermelding van het aantal personeelsleden wanneer je geen zicht hebt over hoe zwaar zorgbehoevend de mensen zijn die er verblijven? De beste informatiekanalen blijven de website van het Agentschap Zorg en Gezondheid, of de websites van de woonzorgcentra zelf. Vraag hen naar hun tevredenheidsmetingen en hun kwaliteitswerking. En luister vooral naar de ervaringen van de bewoners en hun familie: zij zijn de beste graadmeter voor de reputatie van een voorziening.

Last but not least: het taalgebruik. De Vlaamse media blijven hardnekkig de woorden ‘rusthuis’ en ‘bejaarde’ gebruiken. En dat terwijl ‘rusthuis’ als term voor de plaats waar er verzorgd én gewoond wordt, al jaren is verlaten. Het draagt bij tot de negatieve beeldvorming en framing van de zorg voor onze ouderen. En dat is jammer. De ouderen en de ouderenzorg verdienen beter.