Sterker statuut voor een miljoen vrijwilligers in ons land

Ongeveer een miljoen vrijwilligers in ons land krijgen een verduidelijkt en versterkt statuut. Het gaat om vrijwilligers die zich inzetten bij verenigingen met socioculturele, jeugd- en sportactiviteiten, in maatschappelijke dienstverlening en in de zorgsector en die daarvoor enkel een onkostenvergoeding krijgen.

“Onze vrijwilligers zijn de lijm in onze samenleving: zij brengen en houden mensen samen. Zij verdienen een duidelijk statuut”, vertelt Maggie De Block, minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid.

Tienjarige wet

In 2015 bestond de wet betreffende de rechten van vrijwilligers tien jaar. Naar aanleiding van die verjaardag hebben minister van Sociale Zaken Maggie De Block en minister van Werk Kris Peeters aan de Hoge Raad voor Vrijwilligers gevraagd om de wet grondig te analyseren en aan te geven welke punten beter kunnen, rekening houdend met de concrete problemen op het terrein. Het wetsontwerp tot invoering van het nieuwe statuut wordt nu voorgelegd voor advies aan de Raad van State. Ministers De Block en Peeters mikken op de herfst van 2018 voor de inwerkingtreding van het versterkte statuut.

Versterkt statuut

Op basis van die evaluatie passen beide ministers het vrijwilligersstatuut nu op verschillende punten aan, onder andere:

  • Kostenvergoeding

De bedragen die de vrijwilligers krijgen, worden vanaf nu “kostenvergoeding” genoemd in de plaats van een “vergoeding”. De bedoeling is om te benadrukken dat hun engagement gratis is. De analyse door de Hoge Raad voor Vrijwilligers toonde aan dat de term “vergoeding” voor verwarring zorgde.

  • Vervoerskosten

Vrijwilligers die hun fiets of persoonlijk voertuig gebruiken, kunnen een vergoeding krijgen voor hun vervoerskosten tot 2.000 kilometer.

Als het vrijwilligerswerk bestaat uit het vervoer van personen is er geen beperking van het aantal kilometers. "We willen mensen die als vrijwilligerswerk personen vervoeren, zoals zieken of kinderen van een sportclub, beter ondersteunen. Zij gaan een groot engagement aan en we willen dat aanmoedigen door de beperking van 2.000 kilometer op te heffen”, legt Maggie De Block uit.

  • Occasionele geschenken

Occasionele geschenken voor vrijwilligers zullen niet langer als loon worden beschouwd. Ze zullen ook niet verrekend worden voor de maximumbedragen van kostenvergoedingen als de regels die van toepassing zijn op werknemers worden nageleefd.

  • Beroepsgeheim

Het begrip “beroepsgeheim” wordt verduidelijkt voor vrijwilligers. Tot nu toe moest je als vrijwilliger dikwijls zelf uitzoeken of je al dan niet aan het beroepsgeheim was onderworpen. Een vrijwilliger die maaltijden bedeelt in een rusthuis bijvoorbeeld, kan bepaalde gegevens uit een medisch dossier opvangen. Hier rijst dan meteen de vraag van het beroepsgeheim.             

Vanaf nu zal de organisatie die een beroep doet op vrijwilligers deze mensen duidelijk moeten maken of het beroepsgeheim al dan niet van toepassing is voor hen.

  • Geen beslag mogelijk op de vergoeding

Er kan geen beslag worden gelegd op de kostenvergoeding die vrijwilligers krijgen. Het gaat immers niet om een loon, maar om een onkostenvergoeding. Zo worden personen met een schuldenlast niet ontmoedigd om aan vrijwilligerswerk te doen.

  • Niet bezoldigde mandaten

Het nieuwe statuut verduidelijkt ook het feit dat mensen die opdrachten uitvoeren als vrijwilliger in het kader van een onbezoldigd mandaat, beschouwd moeten worden als vrijwilligers door alle openbare instellingen (fiscale administraties, RSVZ, RSZ...). Ze kunnen dan ook enkel een kostenvergoeding krijgen.

Vrijwilligerswerk in cijfers

  • In België engageren 1,2 miljoen vrijwilligers zich regelmatig of occasioneel voor een vereniging.
  • De overgrote meerderheid wordt zuiver beschouwd als vrijwilliger.
  • Daarenboven helpen zo’n 600.000 mensen in ons land occasioneel, spontaan en volledig gratis hun buren, vrienden of naasten. Voor die spontane en gerichte steun bestaat geen reglementering.